Riboet heette al zo toen ik die overnam, is Maleisisch voor drukte, ruzie.
Broedkoppel Pappa- en Mammagaai spreekt voor zich denk ik

.
Favo, omdat het de afkorting is van Favorietje, de werknaam die aan mijn toen meest favoriete gaaitje uit het eerste nestje van Pappa- en Mammagaai gegeven werd, omdat ze zo deed denken aan onze eerste grijze.
Middel was de werknaam die we gaven aan het gaaitje waarvan we dachten dat ie als tweede uit het ei was gekropen. Toen we na weken verzorging besloten hem samen met Favo zelf te houden, waren we inmiddels zo gewend aan de werknamen dat we ze zo gelaten hebben (arme Middel, vast de enige gaai in Nederland met de meest rare naam die je je kunt verzinnen :-\).
Groeten,
Barbara