Ik vond op Birdweb nog een goed stukje over vedermijt (e.a. mijt en luis):
Het grote gevaar schuilt namelijk in het feit dat de meeste liefhebbers niet op de hoogte zijn van de verschillende luizen en mijten die bij de vogels kunnen voorkomen en ze daarom niet altijd kunnen waarnemen. Dit artikel is bedoeld om duidelijkheid te verschaffen over de verschillende soorten ongedierte die bij kanaries kunnen worden aangetroffen. Mijn kennis op het gebied van tropische vogels en parkieten schiet in deze materie tekort.
Bij kanaries kunnen drie soorten luizen en mijten voor problemen zorgen, namelijk de rode bloedmijt, de veerluis en de vedermijt.
Rode bloedmijten worden meestal niet op vogels aangetroffen en zullen op tentoonstellingen niet voor problemen zorgen. Dit is wel de mijt die de meeste schade kan aanrichten in de kweekperiode. Door het zuigen van bloed uit nestjongen, maar ook oudervogels (denk aan broedende poppen), kunnen deze binnen een dag worden gedood.
Veerluizen worden wel op de vogel aangetroffen, namelijk in de donsbevedering. Deze beestjes kunnen zich snel in de bevedering en van vogel op vogel verplaatsen. Veerluizen zijn donker van kleur en één tot twee millimeter lang. Hierdoor zijn ze goed waarneembaar en zal de liefhebber de besmetting meestal snel opmerken.
Vedermijten zijn echter beduidend kleiner en daardoor veel minder goed waarneembaar. Bovendien zijn vedermijten veel minder bekend dan veerluizen. Juist door deze onbekendheid hebben deze mijten bij showvogels de meeste problemen veroorzaakt. Vedermijten zijn roodbruin van kleur en slechts ongeveer een halve millimeter lang en maar ongeveer eentiende millimeter breed! Toch kan een vedermijtbesmetting goed met het blote oog worden waargenomen, met name doordat de verblijfplaats van deze mijten zeer karakteristiek is.
Vedermijten bevinden zich altijd, schijnbaar bewegingloos, aan de onderkant van vleugel- en staart- pennen, meestal dicht aan de schacht van de veer. Bovendien liggen ze vaak op rijen in de groeven van de veer. Met het blote oog kunnen de mijten het beste worden waargenomen door de onderkant van de staartveren bij voldoende opvallend licht, dus niet met doorschijnend licht, te bekijken. Een besmetting met vedermijt begint meestal in de staartpennen, pas bij een langdurige besmetting zullen ook de vleugelpennen mijten vertonen. Veel mensen verwarren een vedermijtbesmetting met vervuiling in de staart door ingedroogd bloed of denken dat het ontlasting van mijten betreft. Een ander wijdverbreid misverstand is dat een vedermijtbesmetting altijd gepaard gaat met gaten in de bevedering doordat deze door de mijten is weggevreten. Dit treedt echter alleen op bij een langdurige en zware besmetting door vedermijlen. Veel vaker is het ontstaan van gaten in de bevedering het gevolg van een verontreiniging met bloed die niet of niet tijdig is uitgewassen.
Behandeling van vogels met een luizen- of mijtenbesmetting dient voor veerluizen en vedermijten plaats te vinden door gebruik te maken van een geschikt insecticide. Hiervoor zijn een aantal doelmatige middelen in spuitbussen in de handel verkrijgbaar. Een kleine hoeveelheid van één van deze producten aanbrengen op de rug- en borstbevedering (veerluis) of op de vleugels en staart (vedermijten) zal er voor zorgen dat na enkele dagen de bevedering vrij is van luizen of mijten. Als dan nog ongedierte aanwezig is moeten we de behandeling herhalen. Omdat eieren van luizen of mijten niet of nauwelijks te lijden hebben van het insecticide kan het noodzakelijk zijn de behandeling na een paar weken een keer te herhalen. In de meeste gevallen is het aan te bevelen alle vogels uit een vlucht waar veerluizen of vedermijten zijn aangetroffen te behandelen. Bedenk altijd bij het gebruik van insecticide dat u met vergif werkt. Lees daarom goed de gebruiksaanwijzing en test de doelmatigheid en eventuele schadelijkheid van het te gebruiken middel door eerst één vogel te behandelen en na een aantal dagen het resultaat te beoordelen, alvorens alle vogels te behandelen. Zorg er ook altijd voor dat de behandeling in een zeer goed geventileerd vertrek wordt uitgevoerd! Bestrijding van rode bloedmijten vereist een andere aanpak. Alle kieren en naden in het vogelverblijf, zitstokken, broedkooien (met name onderkant van zandladen) moeten worden behandeld met insecticide. Er zijn voor dit doel een aantal langdurig werkzame preparaten te koop. Voor sommige van deze is het echter vereist dat de vogels gedurende enkele dagen uit de vogelruimte verwijderd worden!
Ter afsluiting wil ik iedere kanariekweker aanraden de eigen kanaries, en vooral ook recent aangekochte vogels, nauwkeurig te inspecteren op de aanwezigheid van met name vedermijten zoals hierboven is beschreven. Herhaal dergelijke controles steekproefsgewijs gedurende het hele jaar. De kans dat bij uw vogels vedermijten voorkomen is waarschijnlijk groter dan u denkt. Op basis van ervaringen op vogelkeuringen en bezoeken aan kanariekwekers schat ik in dat momenteel 25 procent van de kanarieliefhebbers problemen hebben met vedermijt. Wanneer deze problemen niet goed onderkend worden zal dit percentage de komende jaren drastisch kunnen toenemen. Zeker met gebruik van houtmot of beukensnippers in dikke lagen op de bodem is het leed vaak niet te overzien! Ik hoop dan ook dat dit artikel een positieve bijdrage mag leveren aan het terugdringen van het mijten- en luizenprobleem bij kanaries en dat keurbriefjes met "Vedermijt, niet gekeurd!" niet meer voorkomen in het komende tentoonstellingsseizoen.